Department of Dutch Studies - Eötvös Loránd University

News

There are no translations available.

 

BA

Modern holland-flamand irodalom
Holland-flamand irodalmi párhuzamok
Holland-flamand irodalmi és művészeti párhuzamok

MA
Az irodalomtudomány módszertana
Irodalomtudomány: 20-21. század
Kultúratudomány
Gender- és posztkoloniális tanulmányok
Irodalomtudomány: 18-19. század

 

2012-2013/1

 

Literary Theory

BMA-NEDD-111

Credit: 3

Time: Monday 14.00 - 15.30

Venue: 112

 

Doelstelling:

Studenten maken kennis met de verschillende mogelijkheden van literatuurbenadering. De aangeboden methoden worden toegepast op de teksten van Dimitri Verhulst. De hoorcolleges functioneren - gezien het kleine aantal studenten - als interactieve lessen. Na een korte theoretische uiteenzetting gaan we allemaal het besproken aspect op grond van de genoemde tekst bespreken.

 

Toets:

De cursus wordt door een mondeling examen afgerond.

 

1.Inleiding

Bespreking van het semester

2. Bespreking Dimitri Verhulst: De helaasheid der dingen

3.Bespreking Dimitri Verhulst: Elcseszett napok egy elcseszett bolygón

4.Representatie

5.Mimesis

6. Retorica

7.Bespreking Dimitri Verhulst: De intrede van Christus in Brussel

8. Narratologie

9. Ideologiekritiek

10.Vormen van visualiteit

11.Postmodernisme

12. Bespreking van het semester: vragen, problemen, toepassingen op andere verhalen

 

 

Verplichte secundaire literatuur:

 

J. Gera – A. Agnes Sneller: Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek, Hilversum: Verloren 2010. De hoofdstukken over literatuurtheorie en de tekstanalyses.

 

 

 

 

BBN-NED 503

Cultuur- en mediawetenschappen 3.

Krediet: 4

Werkcollege

Vrijdag 14:00-15.30

Zaal 112

 

Doelstelling:

Studenten leren de verschillende soorten relaties die tussen woord en beeld bestaan. Ze analyseren zowel beelden als teksten geschreven over beelden. Uitgangspunt voor de analyse dient altijd de tekst te zijn.

 

Opdracht:

Studenten geven een power-point presentatie over één van de onderstaande thema's. Nadruk wordt op de geschreven tekst gelegd: op het 'hoe' men over schilderijen kan schrijven. Daarbij kiezen ze telkens een aansluitend schilderij die ze zelf interpreteren.

Ze schrijven een werkstuk over een zelfgekozen schilderij en een tekst die over dat schilderij gaat.

Deadline: 15 december per mail én uitgedraaid in mijn postvakje op het secretariaat

 

Toetsen:

40% presentatie

10% eigen interpretatie van een schilderij

50% kwaliteit (taal + inhoud) werkstuk

 

1. Inleidend college – mogelijke relaties tussen woord en beeld

Verdeling materiaal

 

2. Judith Herzberg: De boer – Pieter Brueghel: De val van Icarus

 

3. Judith Herzberg: Haesje – Rembrandt: Portret van Haesje van Cleyburg, 1634

 

4. Anna Enquist: Rembrandt en Saskia – Rembrandt: Portret van een vrouw, waarschijnlijk Saskia, 1633

 

5. Bernard Dewulf: Altijd dezelfde, altijd anders – Over Léon Spilliaert; De 'vroege' Léon Spilliaert

 

6. Bernard Dewulf: Over Rik Wouters

 

7. Gerrit Komrij: De moeder van alle kunsten. Over de gulzigheid van de spiegel; Wie kijkt naar wie? Over de raadsels van het zelfportret.

 

8. Bernard Dewulf: Gladde dingen – De spiegel in de kunst

 

9. Rutger Kopland: Afdaling op klaarlichte dag 1-5 – Co Westerik: Afdaling op klaarlichte dag 1-5, 1976 – 1977, 1979, 1981, 1983

 

10. Willem van Toorn: Vrouw in kleine ruimte -- Co Westerik: Vrouw in kleine ruimte, 1967-1978

Nicolaas Matsier: Schoolmeester met kind -- Co Westerik: Schoolmeester met kind, 1961

 

11. DVD over het werk van Co Westerik

 

 

 

 

2011 - 2012 második félév

Észak és Dél irodalmi párhuzamai

 

1. De late romantiek in Nederland en Vlaanderen

Willem Kloos – Guido Gezelle

Vroeger bestaan (1913) – Terug (1897)

 

2. Het symbolisme in Nederland en Vlaanderen

J.H. Leopold – Karel van de Woestijne

Regen (1914) – Koorts-deun (1903)

 

3. Het modernisme in Nederland en Vlaanderen

M. Nijhoff – Paul van Ostaijen

De wandelaar (1916) - Ik sta nu eenmaal voorbij de grens (1915)

 

4. Poezie van een Nederlandse en een Vlaamse vrouw

H. Swarth - A. Nahon

Voor andere vrouwen - In de bril van Bertha Teughels

 

5. De jaren dertig in Nederland en Vlaanderen

J.C. Bloem (1937) – Jan Van Nijlen (1932)

Eenzaam – Eenzaamheid

 

6. Het moderne proza in Nederland en Vlaanderen

Nescio – W. Elsschot

Titaantjes (1915) – Een ontgoocheling (1921)

 

7. De constructie van de familie

Arnon Grunberg – Dmitri Verhulst

Tirza (2006) – De helaasheid der dingen (2006)

 

8. Migrantenliteratuur in Nederland en Vlaanderen

Abdelkader Benali – Rachida Lamrabet

Bruiloft aan zee (1996) – Vrouwland (2007)

 

Feladat: minden órára összehasonlító olvasónaplót kell írni, természetesen holland nyelven Grunberg Tirza és Verhulst a De helaasheid der dingen c. regényeiről, akár fejezetenként. Szempontok lehetnek: nyelvhasználat különbségei, a család konstrukciója, férfi és női szerepek a családban, a társadalom képe a regényekben stb.

 

 

BA: Hoor- en werkcollege moderne Nederlandstalige literatuur - een overzicht

 

2011-2012 eerste semester

 

Krediet hoorcollege: 4

Krediet werkcollege: 5

 

Op de hoor- en werkcolleges worden de belangrijkste stromingen en figuren van de achttiende tot de éénenwintigste eeuw besproken. Er wordt gestreefd naar een parallelle behandeling van de Zuid- en Noordnederlandse literatuur alsook naar het schetsen van een brede maatschappelijke en artistieke context waarin literatuur zich ontwikkelt.

 

De reeks hoorcollege wordt met een mondeling examen afgesloten. Het werk op de werkcolleges wordt getoetst door

  • de activiteit van de student op de les (30 %)

  • schriftelijke toetsen tijdens het semester (30%)

  • een spreekbeurt over een bepaald onderwerp (40%)

 

Aanwezigheid op de hoor- en werkcolleges is verplicht. Indien de student meer dan drie keer afwezig is van de werkcolleges wordt zijn/haar semester niet goedgekeurd tenzij een doktersbrief wordt getoond.

 

 

1. De achttiende eeuw in Nederland – opvoeding als centraal begrip, Aagje Deken en Betje Wolff: Nederlandsche Juffers!, H. van Alphen ­- Aan twee lieve kleine jongens , Het kinderlijk geluk. De perzik, De pruimeboom

 

2. De eerste helft van de negentiende eeuw – biedermeier, romantiek, romantische ironie, realisme – Nicolaas Beets: Een onaangenaam mensch in de Haarlemmerhout

F. HaverScmidt: De zelfmoordenaar

 

3. De tweede helft van de negentiende eeuw – Multatuli: Max Havelaar

 

4. De Tachtigers/Kloos: Ik ben een God...., Nauw zichtbaar, Ik ween om bloemen..., Vroeger bestaan

De Vlaamse Beweging/Guido Gezelle: Het schrijverke, Terug, O, 't ruschen van het ranke riet

 

5. Naturalisme in Nederland en Vlaanderen: Couperus: Een zieltje en Buysse: De biezenstekker

 

6. Modernisme: de poëzie van M. Nijhoff: De wandelaar, Het kind en ik, Impasse, Het klimop

 

7. Modernisme: het proza van Carry van Bruggen: De weddenschap, Avondwandeling

 

8. Modernisme in Vlaanderen en de expressionistische kunst in Vlaanderen: Paul van Ostaijen: Alpejagerslied, Melopee, Guido Gezelle, Geologie, Mythos, Facture baroque

 

9. Willem Elsschot: Kaas (Sajt), Dwaallicht (Lidércfény)

 

10. Jodenvervolging in Nederland: Het dagboek van Anne Frank

11. Na de oorlog: M. Vasalis: Afsluitdijk, Idioot in het bad, Het ezeltje

Gerard Reve: De avonden,

Cobra en de Vijftigers: Lucebert: ik tracht op poëtische wijze, ik draai een kleine revolutie af

 

12. Postmodernisme/postkolonialisme in Nederland: Abdelkader Benali: Eet mij op,

Arthur Japin: De draden van Anansi (beide verhalen te vinden in: Párviadal Oostendéért. Holland-flamand novellák)

13.. Migrantenliteratuur in Vlaanderen: Rachida Lamrabet: Vrouwland en in Nederland: Abdelkader Benali: Bruiloft aan zee (Menyegző a tengernél)

 

14. Evaluatie

 

Bronnen:

 

J. Gera (ed.), Németalföldi Irodalmi Szöveggyűjtemény Sorozat 3, 4, 6. Budapest, 1995, 1996, 1997

(Bloemlezingen uit de Nederlandse literatuur 3, 4, 6. Budapest, 1995, 1996, 1997)

 

http://dbnl.org

 

Adrienn Dióssi, Irena Barbara Kalla, Jelica Novakovic-Lopusina (ed.), Kersvers. Bloemlezing moderne Nederlandstlige poëzie, Budapest: Károli 2009

 

 

Secundaire literatuur:

 

J. Gera – A. Agnes Sneller: Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek. Hilversum: Verloren 2010.

 

http://dbnl.org

 

 

Leeslijst voor het mondelinge examen

 

1. Hieronymus van Alphen: Kleine gedichten voor kinderen

http://www.dbnl.org/titels/titel.php?id=alph002klei03

 

Aagje Deken en Betje Wolff: fragment uit Sara Burgerhart: Nederlandsche juffers!

http://www.dbnl.org/tekst/wolf016hist01_01/wolf016hist01_01_0001.php

 

2. Nicolaas Beets: 'Een onaangenaam mensch in de Haarlemmerhout' uit: Camera Obscura

(ELTE-Bloemlezing 3 maar ook zijn er exemplaren van de Camera Obscura in de bibliotheek beschikbaar + op dbnl.org)

 

F. HaverSchmidt: 'De zelfmoordenaar'

(ELTE-Bloemlezing 3)

 

3. Multatuli: Max Havelaar

 

4.

Gedichten van Willem Kloos: Ik ben een God...., Nauw zichtbaar, Ik ween om bloemen..., Vroeger bestaan

(ELTE-Bloemlezing 3)

Gedichten van Guido Gezelle:Het schrijverke, Terug, O, 't ruschen van het ranke riet

(ELTE-Bloemlezingen 4, 6)

 

5. Couperus: 'Een zieltje' (fotokopie)

Cyriel Buysse: 'De biezenstekker'

http://www.dbnl.org/titels/titel.php?id=buys009biez01

 

6. Gedichten van Martinus Nijhoff: De wandelaar, Het kind en ik, Impasse, Het klimop

http://www.dbnl.org/tekst/nijh004verz05_01/index.php

 

7. Twee verhalen uit Het huisje aan de sloot van Carry van Bruggen ('Avondwandeling' 'De weddenschap')

http://www.dbnl.org/titels/titel.php?id=brug004huis01

 

8. Gedichten van Paul van Ostaijen: Alpejagerslied, Melopee, Guido Gezelle, Geologie, Mythos, Facture baroque

(ELTE-Bloemlezing 4 plus bundels in bibliotheek)

 

9. Het Achterhuis: dagboek van Anne Frank

 

10. Willem Elsschot: Kaas/Dwaallicht

 

11. Gerad Reve: De avonden; Gedichten van M. Vasalis: Afsluitdijk, Idioot in het bad, Het ezeltje Vijftigers/Lucebert: ik tracht op poëtische wijze, ik draai een kleine revolutie af

 

12. Abdelkader Benali: 'Eet mij op' (Egyél meg)

Arthur Japin: 'De draden van Anansi' (Anansi, a pók)

(Bibliotheek in:Párviadal Oostendéértc. kötetben)

 

13. Rachida Lamrabet: Vrouwland - Abdelkader Benali: Bruiloft aan zee(Menyegző a tengernél)

 

 

MA - Literatuurtheorie

2011-2012 eerste semester

Representatie:

Nicolaas Beets' stukken uit de bundel De Nederlanden (1841) http://www.dbnl.org/tekst/beet005wvan01_01/beet005wvan01_01_0026.php

Mimesis:

Johannes Kneppelhout: 'De Portland-Vaas' (1846)

Retoriek:

De troonrede van Beatrix (2011)

Ideologiekritiek:

Fragmenten uit Multatuli's Max Havelaar (1860)

Vormen van visualiteit in literaire teksten:

Gedichten van M. Vasalis

Intertekstualiteit:

Louis Couperus: 'De binocle' http://www.dbnl.org/tekst/coup002proz02_01/coup002proz02_01_0011.php

Narratologie:

Een verhaal uit Carry van Bruggens Het huisje aan de sloot (1921)

Postmodernisme:

Arnon Grunberg: De Mensheid zij geprezen, Lof der Zotheid 2001

Postkolonialisme:

Hella Haasse: Sleuteloog 2002

 

Verplichte primaire literatuur:

Gera, J. (red.): Holland irodalom a 19. században. Néemtalföldi irodalmi Szöveggyűjtemény Sorozat 3. Budapest: Germanisztikai Intézet, 1995

 

Bovengenoemde werken

 

Verplichte secundaire literatuur:

 

 

J. Gera – A. Agnes Sneller: Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek, Hilversum: Verloren 2010

---------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

 

2010-2011 tweede semester

 

BA cursussen

 

NED 603 Parallellen tussen de Noord- en Zuidnederlandse literatuur

Krediet: 5

Werkcollege:

 

Studenten vertalen een verhaal van een Noord- en een van een Zuid-Nederlandse schrijver. Al vertalend worden op de volgende problemen ingegaan: thematiek, taalgebruik, maatschappelijke en culturele context, literaire stromingen, de positie van de schrijver in Noord en Zuid. Het cijfer wordt op grond van de kwaliteit van de vertalingen en de activiteit op de les vastgesteld. Studenten mogen drie keer afwezig zijn.

 

De te vertalen teksten zijn:

 

Cyriel Buysse: De biezenstekker (1894)

http://www.dbnl.org/titels/titel.php?id=buys009biez01

 

Louis Couperus: Een zieltje. (1890)

http://www.dbnl.org/tekst/_gid001189001_01/_gid001189001_01_0005.php

 

MA cursussen

Cursusbeschrijving Nederlandse literatuur in de 18-19e eeuw

 

NEDD 311 Hoorcollege

Krediet: 5

 

Na een korte inleiding lezen we artikelen van Nederlandse wetenschappers over de 18e en 19e eeuw. Deze artikelen belichten verschillende aspecten van de Nederlandse literatuur: de maatschappelijke-culturele context, het literaire leven, stromingen, het leven van alledag. De artikelen worden eerst inhoudelijk besproken. Daarna worden ze kritisch becommentarieerd. Ook retorische en formele aspecten van het academische schrijven komen ter sprake.

 

Artikelen

 

W.R.D. van Oostrum: ‘Sara's eerste kraambed: enkele opmerkingen over tijd en ruimte in Sara Burgerhart’

http://www.dbnl.org/tekst/oost052sara01_01/

 

P.J. Buijnsters: ‘Tijd en plaats in de roman Sara Burgerhart’ http://www.dbnl.org/tekst/buij001tijd01_01/

 

Myriam Everard: 'Spraken Wolff en Deken Hongaars? To Bliktri, Wollstonecraft en andere raadsels in de Wolff- en Dekenstudie' in: Peter Altena en Myriam Everard (red.): Onbreekbare Burgerharten. De historie van Betje Wolff en Aagje Deken Nijmegen: Vantilt, 2004, 141-152

 

Maaike Meijer

Vrome en geleerde hartsvriendinnen in de achttiende eeuw in Nederland*

http://www.dbnl.org/tekst/meij017vrom01_01/meij017vrom01_01_0001.php

 

Lia van Gemert

De verlichte lezer

http://www.dbnl.org/tekst/geme003verl01_01/geme003verl01_01_0001.php

 

Marita Mathijsen: Het literaire leven in de negentiende eeuw

http://www.dbnl.org/tekst/math004lite02_01/

 

Maaike Meijer, ‘Literaire apartheid: kritiek en sekse 1898-1930’ 1993

http://www.dbnl.org/tekst/meij017lite01_01/

 

Carel Blotkamp en Mieke Rijnders: ‘Beeldende kunst en Literatuur’

http://www.dbnl.org/tekst/blot001beel01_01/

 

Piet Couttenier, ‘Literatuur en Vlaamse Beweging. Tot 1914’

http://www.dbnl.org/tekst/cout003lite01_01/

 

Anne Marie Musschoot, ‘Het literaire leven in Zuid-Nederland in 1885’

http://www.dbnl.org/letterkunde/negentiende/artikelen/context.php

 

 

NEDD 312 Werkcollege

Krediet 5

 

Studenten krijgen fragmenten van Sara Burgerhart vanBetje Wolff & Aagje Deken en Van de koele meren des doods vanFrederik van Eeden te vertalen. Het doel is om de tekst via vertaling door te drongen. Vertalen is een vorm van 'close-reading'. In tegenstelling tot de hoorcolleges waar we via metateksten de culturele context bestuderen, proberen we hier via de literaire tekst al vertalend de maatschappelijke, culturele en literaire achtergronden te begrijpen. Het cijfer wordt op grond van de kwaliteit van de vertalingen en van de activiteit van de student vastgesteld. Afwezigheid is drie keer toegestaan.

 

 

Literatuurlijst Nederlandse literatuur 18-19e eeuw

 

18e eeuw

 

Betje Wolff & Aagje Deken: Sara Burgerhart (1782)

 

19e eeuw

 

Poëzie

Jacques Perk: Aan de sonnetten, Sanctissima virgo, Hemelvaart, Deine theos, Iris

Willem Kloos: Zoals daar ginds, Ik ben een God, Nauw zichtbaar, Ik had zoo gaarn, De boomen dorren, De Zee, de Zee, Ik ween om bloemen, Vroeger bestaan.

Herman Gorter: De zon, De stille weg, De boomen waren stil, De lente komt van ver, Het regende in de stad, Een meisje, Gij staat zoo heel, heel stil, De boomen golven op de heuvelen, Ik ben alleen in het lamplicht, Al die grijze dagen, Nu schijnt de zon op straat, Avond,’t is zwart en donker, Twee lampen schijnen, De mistregen komt verhalend, Mijn oogen zijn stil, Leven zoele omsomberde.

Guido Gezelle: Het schrijverke, Terug, Dien avond en die roze, O ’t ruischen van het ranke riet

 

Proza

Nicolaas Beets: De familie Kegge

Multatuli: Max Havelaar

M. Emants: Een nagelaten bekentenis

L. Couperus: Noodlot

L. Couperus: De stille kracht

F. van Eeden: Van de koele meren des doods

 

dbnl.org

 

Gera Judit (szerk.): Németalföldi Irodalmi Szöveggyüjtemény Sorozat 3, 4, 6. Budapest, 1995, 1996, 1997

(Bloemlezingen uit de Nederlandse literatuur 3, 4, 6)

 

J. Gera - A.Agnes Sneller (2010): Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek. Hilversum: Verloren

Hoofdstukken 3,4,5

 

 

 

 

Actuele cursusbeschrijvingen studiejaar 2010-2011 eerste semester:

BA

 

Hoorcollege Moderne Nederlandse Letterkunde

 

BBN-NED-401

 

Tijd: dinsdag 10.00-12.15

Zaal 153

Krediet hoorcollege: 5

 

 

Op de hoorcolleges wordt de Grote Europese Roman (2007)van Koen Peeters centraal gesteld. Aan de hand van dit werk worden met elementen van de narratologie en de specifieke terminologie van de narratologische analyse kennis gemaakt. Dit zijn onder andere:

 

– perspectief en vertelsituatie

– gebeurtenissen (motieven)

– tijd (verteltijd en vertelde tijd, fabel en sujet, anticipatie en retroversie, versnelling en vertraging)

– personage

– ruimte

 

De hoorcolleges worden met een mondeling examen afgesloten. Studenten geven bewijs van hun theoretische en praktische kennis van de narratologie. Er worden twee vragen gesteld waarvan de eerste van theoretische, de tweede van analytische aard is. Deze laatste houdt een korte analyse van een tekstfragment in. De fragmenten komen uit boeken die de student voor dit afsluitexamen moet lezen (zie Leeslijst). Voertaal: Nederlands

 

Aanwezigheid op de hoorcolleges wordt sterk aanbevolen.

 

Primaire literatuur:

 

Koen Peeters: Grote Europese roman. Amsterdam/Antwerpen: Meulenhoff/Manteau 2007.

 

Secundaire literatuur:

 

G. Gera – A. A. Sneller: Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek. Hilversum: Verloren 2010 pp. 107-111.

 

Materiaal gestuurd per mail

 

Leeslijst voor het mondeling examen:

 

Harry Mulisch: De aanslag, Amsterdam: De Bezige Bij 1982

Marga Minco: Het bittere kruid, Amsterdam: Bert Bakker 1957

Gerard Reve: De avonden, Amsterdam: De Bezige Bij 1947

Hella S. Haasse: Oeroeg, Amsterdam: CPNB (Stichting Propaganda van het Nederlandse Boek) 1948

 

Werkcollege Moderne Nederlandse Letterkunde

 

BBN-NED-402

 

Tijd: vrijdag 10.00-12.15

Zaal 112

Krediet werkcollege: 4

 

 

Studenten analyseren op grond van de richtlijnen van de docent korte verhalen van twintigste en eenentwintigste eeuwse Nederlandstalige schrijvers. De teksten worden op de les gemeenschappelijk besproken maar wel onder leiding van telkens een student die het thema van tevoren grondig uitwerkt. Deze student stuurt haar/zijn in het Nederlands geschreven spreekbeurt aan haar/zijn medestudenten en de docent(e) per mail drie dagen vóór het werkcollege. Deze tekst wordt dan op het college kritisch besproken.

 

1. Harry Mulisch: 'Wat gebeurde er met sergeant Massuro?' Amsterdam: De bezige bij 1972

2. Eriek Verpale: 'Jiddisch' in: Alles in het klein, Amsterdam: De Arbeiderspers 1990

3. Marga Minco: 'Storing' in: Storing, Amsterdam: De Bezige Bij 2004

4. Arthur Japin: 'De draden van Anansi' in: Magonische verhalen, Amsterdam: De Arbeiderspers 1996

5. Kader Abdolah: 'Witte schepen' in: Alle verhalen, Amsterdam/Breda: Maarten Muntinga/ De Geus

6. Rascha Peper: 'De waterdame' in: De waterdame, Amsterdam: L.J. Veen 1990

7. Gie Bogaert: 'Vrouwenschilderingen' in: Hemelstof, Amsterdam: Podium 2004

8. Tom Lanoye: 'Een perfecte moord' in: Spek en bonen, Amsterdam: Prometheus 1994

9. Abdelkader Benali: 'Eet me op' in: Berichten uit Maanzaad Stad, Amsterdam: Vasalluci 2001

10. Margriet de Moor: 'Ik droom dus' in: Ik droom dus, Amsterdam: Contact 1995

11. Hella S. Haasse: 'Het tuinhuis' in: Tuinhuis, Amsterdam: Querido 2006

 

Plagiaat is verboden en wordt streng gestraft (semester wordt niet goedgekeurd).

Lees het verwijssysteem grondig door dat je aan het begin van het semester toegestuurd krijgt. Dit bevat het wetenschappelijke apparaat dat je in je werkstukken en in je scriptie moet hanteren.

 

Lettertype: Times New Roman, 12

Regeldichtheid: 1,5

 

Aanwezigheid op de werkcolleges is verplicht. Studenten mogen drie keer afwezig zijn. Indien de student meer dan drie keer afwezig is, wordt het semester niet goedgekeurd tenzij hij/zij een doktersbrief laat zien.

 

Richtlijnen voor de presentatie van het werkstuk moderne Nederlandse letterkunde
1. Over de auteur
2. Waar gaat het verhaal over? (inhoud)
3. De titel en het verhaal
4. Wie vertelt?
5. Wie kijkt?
6. Waar speelt het verhaal zich af? Heeft de plaats betekenis in het verhaal?
7. Zijn er beschrijvingen in het verhaal? Wat is hun functie?
8. Wie zijn de personages? Hoe zijn ze?
9. Hoe is de stijl van het verhaal? (ironisch, absurd, lyrisch, tragisch, komisch...) Geef argumenten voor
je stelling.
10. Hoe lang speelt zich de geschiedenis van het verhaal af?
11. Wat is de betekenis van het verhaal voor jou?

 

MA

Cultuurwetenschap/culturele studies

 

NEDD-230

Plaats: zaal 112

Tijd: Vrijdag, 13.00-14.30

 

Studenten maken kennis met het begrip en methodologie van 'Culturele Studies'. Na enkele inleidende colleges wordt Kamp Westerbork als culturele herinnering geanalyseerd aan de hand van de geschiedenis, de inrichting en de monumenten van het kamp. Daarbij wordt van het dagboek In depot van Philip Mechanicus gebruik gemaakt. Ook visuele artefacten als foto's, affiches en ander beeldmateriaal komen aan de orde. De colleges zullen een interactief karakter hebben.

 

Het semester wordt door een mondeling examen afgesloten

 

Verplichte literatuur:

 

Maaike Meijer: In tekst gevat. Inleiding tot de kritiek van representatie Amsterdam: AUP 1996

http://www.dbnl.org/tekst/mech011inde01_01/

Etty Hillesum: Enkele brieven van en naar Westerbork (teksten worden later bepaald en uitgedeeld)

Roland Barthes: Világoskamra. Jegyzetek a fotográfiáról. Ford.: Ferch Magda Budapest: Európa 1985

Susan Sontag: A fényképezésről Ford.: Nemes Anna Budapest: Európa 1981

 

Belangrijke links:

http://www.geheugenvannederland.nl/exposities/sporen/index.html#

http://www.geheugenvannederland.nl

http://www.nytimes.com/interactive/2010/04/04/magazine/20100404-roman-vishniac-slideshow.html?ref=magazine (roman vishniac) - Bernlefs gedicht)

 

Léon Hanssen: 'Een kleine theorie van de historische intelligentie' Trouw 10 november 2007

 

Literatuurtheorie (hoorcollege)

 

BMA-NEDD-111

 

Krediet: 3

Tijd: Dinsdag 13.00 - 14.30

Zaal 112

 

Inleiding

Bespreking van het semester

 

Bespreking van Koen Peeters: Grote Europese Roman (2007)

Bespreking van Erwin Mortier: Marcel (2005)

Bespreking Abel J. Herzberg: Brief aan mijn kleindochter (1997)

 

Representatie

Mimesis

Retoriek

Ideologiekritiek

Vormen van visualiteit in literaire teksten

Intertekstualiteit

Postmodernisme/Postkolonialisme

 

Bespreking van het semester: vragen, problemen, toepassingen op andere verhalen

 

Studenten maken kennis met de verschillende mogelijkheden van literatuurbenadering. De aangeboden methoden worden toegepast op de teksten van respectievelijk Peeters, Mortier en Herzberg. De hoorcolleges functioneren - gezien het kleine aantal studenten - als interactieve lessen. Na een korte theoretische uiteenzetting gaan we allemaal het besproken aspect op grond van de genoemde tekst bespreken.

De cursus wordt door een mondeling examen afgerond.

 

Verplichte primaire literatuur:

 

Het op de colleges besproken materiaal

Koen Peeters: Grote Europese Roman 2007

Erwin Mortier: Marcel (2005)

Abel J. Herzberg: Brief aan mijn kleindochter (1997)

 

Verplichte secundaire literatuur:

 

J. Gera – A. Agnes Sneller: Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek, Hilversum: Verloren 2010

 

Nederlande letterkunde 18-19de eeuw
Vrijdag 14.00-16.15 (hoor+werkcollege)
Zaal 112
Hoorcollege
Inleiding, verdeling van de opdrachten
1. De 18de eeuw in Nederland met bijzondere aandacht aan A. Deken & Betje Wolff: Sara
Burgerhart. 1782.
2. Het begin van de 19de eeuw. Nicolaas Beets: De familie Kegge
3. Achtergronden van de poëzie van de Tachtigers (J. Perk, W. Kloos, H. Gorter)
4. Achtergronden van de poëzie van Guido Gezelle
5. Achtergronden van Hendrik Concience: De leeuw van Vlaanderen
6. Receptietheorie
7. De naturalistische roman in Nederland. M. Emants: Een nagelaten bekentenis
8. De artistieke synthese van Nederland aan het eind van de 19de eeuw: Frederik van Eeden: Van
de koele meren des doods.
9. Kolonialisme in Nederland in de 19de eeuw en zijn literaire weergave. L. Couperus: De stille
kracht.
Werkcollege:
1. Analyse van Sara Burgerhart (1782)
2. Analyse van De familie Kegge (1851)
3. Analyse van gedichten van de Tachtigers
J.Perk: Deine theos, W. Kloos: Ik ben een God, Ik ween om bloemen, H. Gortert: De zon., Zie
je, ik houd van je, De boomen waren stil, Ik ben alleen in het lamplicht.
4. Analyse van gedichten van Guido Gezelle: het schrijverke, Terug.
5. Analyse van De leeuw van Vlaanderen (1838)
6. De receptie van de Max Havelaar in Hongarije (1860)
7. Analyse van Een nagelaten bekentenis (1894)
8. Analyse van Van de koele meren des doods (1900)
9. Analyse van L. Couperus: De stille kracht (1900)
10. Evaluatie van het semester
Secundaire literatuur:
Bij Sara Burgerhart

Maaike Meijer: Vrome en geleerde hartsvriendinnen in de achttiende eeuw in Nederland
http://www.dbnl.org/tekst/meij017vrom01_01/meij017vrom01_01_0001.php
Bij De familie Kegge:
 Gera, J.: A parvenü mint alávető. Nicolaas Beets De familie Kegge (1851) című művének
koloniális konnotációi. In: Uő: Az alávetettség struktúrái a holland prózában. Kritikai
tanulmányok. Budapest: ELTE Eötvös kiadó, 2012, 102-129.
Bij de poëzie van de Tachtigers:

J.C. Brandt Corstius, Het poëtisch programma van Tachtig. Een vergelijkende studie.
Athenaeum-Polak & van Gennep, Amsterdam 1968. IV. De nieuwe poëzie en de verbeelding
http://www.dbnl.org/tekst/bran024poet01_01/bran024poet01_01_0005.php
Bij Guido Gezelle:
 Piet Couttenier: ‘Guido Gezelle. Wisselende beelden van een dichter’
http://www.dbnl.org/tekst/cout003guid01_01/
Bij De leeuw van Vlaanderen:

W. Gobbers, 'Consciences Leeuw van Vlaenderen als historische roman en nationaal epos: een
genrestudie in Europees perspectief' (1990)
http://www.dbnl.org/tekst/gobb001cons01_01/index.php
Bij Receptietheorie:
Gera, J.: 'Multatuli négy élete Magyarországon.' In.Uő.: Az alávetettség struktúrái a holland prózában.
Kritikai tanulmányok. Budapest: ELTE: Eötvös kiadó, 2012, 188-203.
Bij Een nagelaten bekentenis:

A.L. Sötemann, 'Marcellus Emants' "Een nagelaten bekentenis": afrekening met Von
Feuchtersleben, vernieuwing van de naturalistische roman' (1975)
http://www.dbnl.org/tekst/sote001marc01_01/sote001marc01_01_0001.php
Bij Van de koele meren des doods:

Judit Gera: Frederik van Eeden: feminist of antifeminist? Mededelingen van het Frederik van
Eedengenootschap, 1999. XLIV. december. 20-27.
Bij De stille kracht:

Judit Gera: 'A hibriditás regénye. Louis Couperus: De stille kracht (1900)'. In: .Uő.: Az
alávetettség struktúrái a holland prózában. Kritikai tanulmányok. Budapest: ELTE: Eötvös
kiadó, 2012, 204-225.

BBN-NED 503

Cultuur- en mediawetenschappen 3.

Krediet: 4

Werkcollege

Vrijdag 14:00-15.30

Zaal 112

 

Doelstelling:

Studenten leren de verschillende soorten relaties die tussen woord en beeld bestaan. Ze analyseren zowel beelden als teksten geschreven over beelden. Uitgangspunt voor de analyse dient altijd de tekst te zijn.

 

Opdracht:

Studenten geven een power-point presentatie over één van de onderstaande thema's. Nadruk wordt op de geschreven tekst gelegd: op het 'hoe' men over schilderijen kan schrijven. Daarbij kiezen ze telkens een aansluitend schilderij die ze zelf interpreteren.

Ze schrijven een werkstuk over een zelfgekozen schilderij en een tekst die over dat schilderij gaat.

Deadline: 15 december per mail én uitgedraaid in mijn postvakje op het secretariaat

 

Toetsen:

40% presentatie

10% eigen interpretatie van een schilderij

50% kwaliteit (taal + inhoud) werkstuk

 

1. Inleidend college – mogelijke relaties tussen woord en beeld

Verdeling materiaal

 

2. Judith Herzberg: De boer – Pieter Brueghel: De val van Icarus

 

3. Judith Herzberg: Haesje – Rembrandt: Portret van Haesje van Cleyburg, 1634

 

4. Anna Enquist: Rembrandt en Saskia – Rembrandt: Portret van een vrouw, waarschijnlijk Saskia, 1633

 

5. Bernard Dewulf: Altijd dezelfde, altijd anders – Over Léon Spilliaert; De 'vroege' Léon Spilliaert

 

6. Bernard Dewulf: Over Rik Wouters

 

7. Gerrit Komrij: De moeder van alle kunsten. Over de gulzigheid van de spiegel; Wie kijkt naar wie? Over de raadsels van het zelfportret.

 

8. Bernard Dewulf: Gladde dingen – De spiegel in de kunst

 

9. Rutger Kopland: Afdaling op klaarlichte dag 1-5 – Co Westerik: Afdaling op klaarlichte dag 1-5, 1976 – 1977, 1979, 1981, 1983

 

10. Willem van Toorn: Vrouw in kleine ruimte -- Co Westerik: Vrouw in kleine ruimte, 1967-1978

Nicolaas Matsier: Schoolmeester met kind -- Co Westerik: Schoolmeester met kind, 1961

 

11. DVD over het werk van Co Westerik

 

 

 

BBN-NED 503

Cultuur- en mediawetenschappen 3.

Krediet: 4

Werkcollege

Vrijdag 14:00-15.30

Zaal 112

 

Doelstelling:

Studenten leren de verschillende soorten relaties die tussen woord en beeld bestaan. Ze analyseren zowel beelden als teksten geschreven over beelden. Uitgangspunt voor de analyse dient altijd de tekst te zijn.

 

Opdracht:

Studenten geven een power-point presentatie over één van de onderstaande thema's. Nadruk wordt op de geschreven tekst gelegd: op het 'hoe' men over schilderijen kan schrijven. Daarbij kiezen ze telkens een aansluitend schilderij die ze zelf interpreteren.

Ze schrijven een werkstuk over een zelfgekozen schilderij en een tekst die over dat schilderij gaat.

Deadline: 15 december per mail én uitgedraaid in mijn postvakje op het secretariaat

 

Toetsen:

40% presentatie

10% eigen interpretatie van een schilderij

50% kwaliteit (taal + inhoud) werkstuk

 

1. Inleidend college – mogelijke relaties tussen woord en beeld

Verdeling materiaal

 

2. Judith Herzberg: De boer – Pieter Brueghel: De val van Icarus

 

3. Judith Herzberg: Haesje – Rembrandt: Portret van Haesje van Cleyburg, 1634

 

4. Anna Enquist: Rembrandt en Saskia – Rembrandt: Portret van een vrouw, waarschijnlijk Saskia, 1633

 

5. Bernard Dewulf: Altijd dezelfde, altijd anders – Over Léon Spilliaert; De 'vroege' Léon Spilliaert

 

6. Bernard Dewulf: Over Rik Wouters

 

7. Gerrit Komrij: De moeder van alle kunsten. Over de gulzigheid van de spiegel; Wie kijkt naar wie? Over de raadsels van het zelfportret.

 

8. Bernard Dewulf: Gladde dingen – De spiegel in de kunst

 

9. Rutger Kopland: Afdaling op klaarlichte dag 1-5 – Co Westerik: Afdaling op klaarlichte dag 1-5, 1976 – 1977, 1979, 1981, 1983

 

10. Willem van Toorn: Vrouw in kleine ruimte -- Co Westerik: Vrouw in kleine ruimte, 1967-1978

Nicolaas Matsier: Schoolmeester met kind -- Co Westerik: Schoolmeester met kind, 1961

 

11. DVD over het werk van Co Westerik

 

 

 

 

Hoor- en werkcollege moderne Nederlandstalige literatuur

2011-2012 eerste semester

 

Krediet hoorcollege: 4

Krediet werkcollege: 5

 

Op de hoor- en werkcolleges worden de belangrijkste stromingen en figuren uit de twintigste eeuw besproken. Er wordt gestreefd naar een parallelle behandeling van de Zuid- en Noordnederlandse literatuur alsook naar het schetsen van een brede maatschappelijke en artistieke context waarin literatuur zich ontwikkeld heeft.

 

De reeks hoorcollege wordt met een mondeling examen afgesloten. Het werk op de werkcolleges wordt getoetst door

  • de activiteit van de student op de les (30 %)

  • schriftelijke toetsen tijdens het semester (30%)

  • een spreekbeurt over een bepaald onderwerp (40%)

 

Aanwezigheid op de hoor- en werkcolleges is verplicht. Indien de student meer dan drie keer afwezig is van de werkcolleges wordt zijn/haar semester niet goedgekeurd.

 

 

 

 

1. De achttiende eeuw in Nederland – opvoeding als centraal begrip, Aagje Deken en Betje Wolff, H. van Alphen

 

2. De eerste helft van de negentiende eeuw – biedermeier, romantiek, romantische ironie, realisme – Nicolaas Beets

 

3. De tweede helft van de negentiende eeuw – Multatuli en de Tachtigers

 

4. De Vlaamse Beweging – Guido Gezelle

 

5. Naturalisme in Nederland en Vlaanderen: Couperus en Buysse

 

6. Modernisme: de poëzie van M. Nijhoff

 

7. Modernisme: het proza van Carry van Bruggen

 

8. Modernisme in Vlaanderen en de expressionistische kunst in Vlaanderen  Paul van Ostaijen

 

9. Jodenvervolging in Nederland  Het dagboek van Anne Frank

 

10. Postmodernisme/postkolonialisme in Nederland – Abdelkader Benali, Arthur Japin

 

11. Migrantenliteratuur in Vlaanderen – Rachida Lamrabet

 

12. Evaluatie

 

 

Bronnen:

 

J. Gera (ed.), Németalföldi Irodalmi Szöveggyűjtemény Sorozat 3, 4, 6. Budapest, 1995, 1996, 1997

(Bloemlezingen uit de Nederlandse literatuur 3, 4, 6. Budapest, 1995, 1996, 1997)

 

http://dbnl.org

 

Adrienn Dióssi, Irena Barbara Kalla, Jelica Novakovic-Lopusina (ed.), Kersvers. Bloemlezing moderne Nederlandstlige poëzie, Budapest: Károli 2009

 

 

Secundaire literatuur:

 

J. Gera – A. Agnes Sneller: Inleiding literatuurgeschiedenis voor de internationale neerlandistiek. Hilversum: Verloren 2010.

 

 

http://dbnl.org

 

Facebook

 

Oktatók / Medewerkers

Nagy Roland

Nagy Roland

Adjunktus / Universitair docent / Assistant Professor
Gera Judit

Gera Judit

Professzor emerita / Professor emerita / Professor emerita
Gracza Krisztina

Gracza Krisztina

Tanársegéd / Universitair docent / Assistant lecturer
Rethelyi Orsolya

Rethelyi Orsolya

Tanszékvezető, habilitált docens / Vakgroepshoofd, universitair hoofddocent / Head of Department, Associate Professor
Simonfi Eszter

Simonfi Eszter

Tanársegéd / Universitair docent / Assistant lecturer
Varga Orsolya

Varga Orsolya

Adjunktus / Universitair docent / Assistant Professor
Martine Bijvoet

Martine Bijvoet

Nyelvtanár / Taaldocent / Language Teacher
Michaela Bos

Michaela Bos

Lektor / Lector / Lector